Twee jaar oud artikel herlezen, hoeveel gelijk kun je hebben?

by 21 december, 2017 0

Rechts of links? Dat is allang passé

Linkse politiek is morsdood, zegt Sierakowski. Door economische globalisering kunnen linkse partijen hun ideeën niet uitvoeren.

Wie de wereld wil veranderen, moet de politiek mijden, zegt deze Poolse activist.

Interview Slawomir Sierakowski

Door onze correspondent Caroline de Gruyter | pagina 14 – 15

Wenen

Waarom zet een jonge, Poolse, linkse activist uit politieke onvrede culturele centra, een uitgeverij, een krant en kindercrèches op? Waarom gaat hij niet gewoon in de politiek? Waarom probeert hij niet om de sociaal-democraten, die in Polen en veel andere Europese landen moeite hebben relevant te blijven, weer nieuw leven in te blazen?

Daags voor de verkiezingen in het Verenigd Koninkrijk (morgen) en de Poolse presidentsverkiezingen (zondag) heeft Slawomir Sierakowski, de 36-jarige socioloog achter de oppositionele keten van burgerorganisaties, Krytyka Polityczna, een simpel antwoord: „Links is niet meer tot leven te wekken. De politiek zoals wij die kennen, met linkse en rechtse partijen, is morsdood. Oppositievoeren kan alleen nog via ngo’s.”

Tien jaar geleden was Sierakowski het enfant terrible van de Poolse intelligentsia. Hij deed alles om politieke debatten los te maken in een land waar, zegt hij, sinds de val van de Muur nauwelijks meer werd gedebatteerd: „Het kapitalisme had gewonnen. Rechts was aan de macht. De enige echte oppositiepartij was ook rechts. Iedereen van links werd meteen een communist genoemd. Maar dat betekende ook dat er vrijwel geen discussie was over de economische shocktherapie die in Polen na 1989 werd ingevoerd.” Daarom ging Sierakowski Krytyka als podium gebruiken om die discussie alsnog op gang te brengen, buiten de politiek om. Daarop volgden online publicaties, podiumdebatten en theaterproducties. In 2003 schreef hij een ‘open brief aan de Europese Publieke Opinie’ over de Europese grondwet, die in grote Europese kranten verscheen en hem behalve een afspraak met de Poolse president ook een column in The New York Times opleverde.

Nu lijkt de Poolse wervelwind gekalmeerd. „Fysiek houd je dit niet eeuwig vol”, zegt hij met een grijns. Hij werkt in Wenen, aan het Instituut voor Menswetenschappen, aan een boek over de dissidente dichter Czeslaw Milosz. Daar, in dezelfde bibliotheek waar hij laatst een lezing hield over het effect van globalisering op de democratie, vindt dit gesprek plaats.

Waarom zijn politieke partijen ‘dood’?

„Omdat de nationale politiek nauwelijks meer iets over de economie te zeggen heeft. De economie is mondiaal. Stel, je wilt als premier de belastingen verhogen om sociale voorzieningen te bekostigen. Je wilt duizend kinderdagverblijven bouwen, zodat vrouwen aan het werk kunnen. Je zegt dat de operatie zichzelf terugverdient, omdat deze vrouwen straks zorgen voor extra belastinginkomsten. Maar de kans is groot dat het zover niet komt. De markten zullen je straffen, want je verhoogt het begrotingstekort van je land. Je rating gaat omlaag, beleggers halen hun geld uit je land weg. Einde verhaal. Wat je ook bedenkt voor de nationale economie, je hebt als politicus vrijwel geen speelruimte meer. Die speelruimte was nu net een van de belangrijkste elementen van het politieke systeem met partijen, zoals wij dat kennen. Want de fundamentele verschillen tussen links en rechts waren economisch van aard. Links heeft nog altijd bedenkingen over de geglobaliseerde markteconomie die rechts altijd heeft gepropageerd, maar kan zijn ideeën niet meer in de praktijk brengen. Als een linkse partij ze toch belooft, valt ze door de mand, want er komt niets van terecht.”

Zoals premier Zapatero in Spanje?

„Exact. Zapatero moest hard bezuinigen op last van de markten. Pasok onder premier Papandreou in Griekenland: zelfde verhaal. Overal imploderen sociaal-democratische partijen omdat ze alleen nog rechts beleid kunnen voeren. Daarom verdwijnt links uit de politiek en is het verschil tussen links en rechts praktisch verdampt.”

In Duitsland zit links toch in de regering? Hollande in Frankrijk en Renzi in Italië zijn toch ook sociaal-democraten?

„Ja, maar ze voeren overwegend rechtse agenda’s uit. Die van de markten. Geen van hen doet wat ze oorspronkelijk in hun hoofd hadden. Hun idee over een rechtvaardige maatschappij is onuitvoerbaar. In plaats van links versus rechts zie je nu in de politiek een andere tweedeling ontstaan: goed versus fout. Want als je het niet over de economie kunt hebben bij politieke debatten, waar heb je het dan over? Ethische, culturele onderwerpen. In Polen raken we al jaren niet uitgepraat over oorlogsmisdaden. In andere landen gaat het over de islam, immigratie of genetisch gemanipuleerd voedsel. Klassenstrijd is niet meer mogelijk, dus voeren we vooral nog culturele, ethische strijd. Goed tegen fout.

De ellende is dat daarbij, net als vroeger bij links en rechts, nu eens de een en dan weer de ander wint. Nu zie je dat in diverse landen ‘fout’ de verkiezingen wint. Orbán in Hongarije. We hebben de Kaczynski’s gehad in Polen. Hun partij wint straks wellicht weer de verkiezingen. Wie weet wordt het Front National de grootste in Frankrijk.”

Syriza en Podemos, zijn die goed of fout?

„Zij proberen weer echt een klassieke, linkse partij op te zetten. Dicht bij de arbeidersbeweging, zoals vroeger. Maar Syriza kan geen kant op: het moet doen wat de trojka zegt. Ook Podemos kan alleen slagen als het de taal van de markten gaat spreken.”

Is dit waarom u de politiek niet in wilt?

„Ja. Syriza en Podemos kunnen de burger even het gevoel geven dat de democratie nog springlevend is. Maar de dag erna volgen ontgoocheling en schaamte. We kunnen het linkse wiel niet opnieuw uitvinden. Volgens mij kun je als ngo meer invloed hebben.”

Dat is ondemocratisch.

„Ja, dat is een bezwaar. Maar ngo’s draaien om burgerparticipatie. Dat maakt het toch legitiem. Bij Krytyka zijn nu 100 mensen in dienst en er zijn 2.000 vrijwilligers. De meesten zijn supergemotiveerd. Ze organiseren debatten met grote denkers. Runnen een bar waar kranten in elkaar worden gezet en boeken geredigeerd. In de politiek is nauwelijks plek meer voor intellectuelen. Inhoud is voor politieke partijen negatieve ballast. Alles is pr, alles is spin. Ministers en parlementariërs verkondigen alleen nog meningen die hun door spindoctors worden ingefluisterd. Bij Krytyka is juist volop plek voor inhoud. Pr speelt geen rol. We hebben een losse structuur. Mensen vinden dat fijn. Eindelijk weer een vorm van links activisme waar je niet cynisch van wordt, maar waar je een warm gevoel van krijgt.”

Hebben ngo’s echt invloed?

„Ja. In Polen is een pensioenhervorming doorgevoerd. De regering onderhandelde niet met de oppositiepartijen maar met een invloedrijke denktank gerund door een voormalig minister. En met onze ingezonden brief aan intellectuelen kregen wij in 2003 meer gedaan dan de hele oppositie bij elkaar. De regering wilde religie in de Europese grondwet opnemen. Niemand durfde daartegen in te gaan, want je werd meteen als atheïstische communist in de hoek gezet. Uit peilingen bleek dat 90 procent van de burgers het regeringsstandpunt steunde. Dat was het enige standpunt dat ze kenden. Toen kwam onze brief. Die kreeg zo veel internationale aandacht dat we ook in Polen op tv kwamen. Eindelijk ontstond zo een debat dat we allang hadden moeten voeren. Aan het eind was de helft van de burgers het met ons eens.”

De Poolse regering veranderde haar standpunt niet.

„Nee, maar we kwamen er dicht bij. Toen Donald Tusk nog premier was, verkondigde hij hyperconservatieve standpunten over abortus en dergelijke. Op een dag vroeg ik aan zijn spindoctor, die zijn speeches schreef en zijn politieke beleid uitstippelde: waarom is Tusk zo behoudend, volgens mij kan hij best vooruitstrevender zijn. Zegt de spindoctor: ‘Als jij kunt aantonen dat de maatschappij iets anders wil, zullen wij het steunen.’ In die zin kunnen ngo’s invloed hebben. Leiders zijn tegenwoordig volgers. Zij doen wat de massa wil. Ngo’s die de massa bepaalde ideeën kunnen bijbrengen, hebben werkelijke macht. Politieke agenda’s kunnen op bepaalde terreinen worden gemaakt door sociale bewegingen.”

Hebben verkiezingen nog zin?

„Steeds minder. Minder kiezers komen opdagen, overal in Europa. Ze hebben het gevoel dat ze geen keus hebben. En dat is ook zo.”

Is democratie passé?

„Mijn ervaring is: onze democratieën worden gerund door vier of vijf strategen achter de politici. Politiek is vervangen door supercalculerend pragmatisme. Niets gaat meer over ideeën, alles gaat over het winnen van de volgende verkiezingen.”

U schetst de politiek als kil en cynisch. Is activisme ook een manier om saamhorigheid te kweken?

„O ja! Dat is een cruciaal element. Links is versplinterd. Iedereen is gefrustreerd. Rechts vormt een hechte club, links niet meer. Door schaamte, cynisme en nederlaag na nederlaag is iedereen op zichzelf teruggeworpen. Door deze mensen weer bij elkaar te halen en ze een rol te geven in een gemeenschappelijk project krijgen ze weer vertrouwen, ook in elkaar. Voor hen maakt het de kille samenleving, waarin iedereen constant de competitie aangaat met iedereen, een klein beetje warmer.”

Dit doet me denken aan de dissidenten onder het communisme.

„Mij ook. Ze deden ergens hetzelfde als wij nu: elkaar opzoeken en samen een verbond smeden. Ik denk altijd maar: uiteindelijk trokken zij aan het langste eind.”

Student van Ulrich Beck

Socioloog Slawomir Sierakowski (36) is oprichter en directeur van de Poolse politiek-culturele beweging Krytyka Polityczna (‘Politieke Kritiek’). Hij werkt nu aan een biografie over de dissidente dichter Milosz. Sierakowski, die in München bij de socioloog Ulrich Beck studeerde, gaat doceren aan het Graduate Institute in Genève.

Dit artikel werd gepubliceerd in NRC Handelsblad op Woensdag, 6 mei 2015, pagina 14 – 15
originele versie downloaden afdrukken sluit

Leave a comment

top